De opening tussen dakpan en paneel opmeten: Ø12, Ø15 of Ø20?
De hele keuze in deze winkel valt of staat bij één maat: de opening tussen je dakpan en de onderkant van je zonnepaneel. Weet je die, dan weet je meteen welke diameter je nodig hebt. Weet je die niet, dan is de kans groot dat je een borstel bestelt die te dun is, en dan zit je alsnog met vogels.
Wat je precies opmeet
Je meet de verticale ruimte tussen het hoogste punt van de dakpan en de onderkant van het paneel, op het smalste punt van de rij. Niet op het ruimste punt, want een vogel zoekt juist de plek waar hij er het makkelijkst onderdoor kan, en die vindt hij toch wel.
Een dakpannendak is nooit vlak. De pannen hebben ribbels, en de onderconstructie waar de panelen op liggen heeft een vaste hoogte. Daardoor verschilt de opening over de lengte van de rij een paar centimeter. Meet daarom op drie of vier plekken en houd de grootste maat aan.
Zo doe je het veilig
- Ga niet op het dak staan als je daar geen ervaring mee hebt. Vanaf een ladder aan de dakrand kun je de onderste rij prima meten, en dat is meestal de rij die telt.
- Gebruik een duimstok of rolmaat en zet hem rechtop tussen pan en paneel, niet schuin.
- Lukt meten niet, maak dan een foto met een rolmaat of een creditcard ernaast. Een bankpas is 8,5 cm breed en geeft je een bruikbare schatting.
Van maat naar diameter
De diameter is de dikte van de borstel als hij los ligt. Je kiest de eerste maat die groter is dan je opening, zodat de borstel licht klemt en zichzelf op zijn plek houdt. Er is dus geen bevestiging nodig, en dat is precies de bedoeling.
- Ø12 cm voor een krappe opening tot ongeveer twaalf centimeter.
- Ø15 cm voor een gemiddelde opening. Meet je bijvoorbeeld 13 cm, dan is dit de eerste maat die dat dekt.
- Ø20 cm voor een ruime opening of een hoge onderconstructie. Deze maat is ook bruikbaar als dakgootbescherming.
Zit je precies op de grens, kies dan de ruimere maat. Een borstel die iets te dik is, drukt zich samen en blijft zitten. Een borstel die te dun is, laat onderaan een spleet over en dat is het enige wat een vogel nodig heeft. Twijfel je, dan is de vuistregel: te dik werkt, te dun niet.
En dan de meters
Als de diameter vaststaat, blijft de vraag hoeveel meter je nodig hebt. Meet de zijden van je panelenveld die open staan. Meestal is dat de onderrand plus de twee zijkanten; de bovenkant ligt vaak al tegen de nok aan en is dan dicht. Tel die meters op en rond naar boven af, want een rol is met een grove schaar of een takkenschaar op maat te knippen.
Weet je het aantal meters niet, maar wel het aantal panelen, dan rekent de keuzehulp het voor je uit. Die gaat standaard uit van 1,70 m breedte per paneel, de lange zijde van een gangbaar paneel dat liggend gemonteerd is, en je kunt dat getal aanpassen als jouw panelen anders liggen. De keuzehulp zoekt er daarna zelf de goedkoopste combinatie rollen bij, want dat is met verschillende lengtes naast elkaar niet uit je hoofd te doen.
Nog even nameten voor je bestelt
Twee dingen die het vaakst misgaan: meten op het ruimste punt in plaats van het smalste, en de zijkanten van het panelenveld vergeten. Beide kosten je een tweede bestelling. Vijf minuten extra op de ladder scheelt dat.